De voor- en nadelen van low-code op een rijtje

Zijn low-code platformen de heilige graal? Wij zetten de voor- en nadelen van low-code en no-code op een rijtje.

Via low-code en no-code platformen kan iedereen een applicatie bouwen, zonder lijn per lijn code te schrijven. In plaats daarvan worden visuele “bouwblokken” ingezet die bepaalde computerfuncties voorstellen. Zonder enige kennis van programmeertalen of ontwikkelroutines kunnen dus ook mensen die eigenlijk geen programmeur zijn, software ontwikkelen. Is low-code de heilige graal? Wij zetten de voor- en nadelen van low-code en no-code op een rijtje.

Het ontwikkelen via low-code of no-code wordt almaar populairder. Het verschil met de traditionele methode is dat je, eerst en vooral, niet moet kunnen programmeren om een tool te ontwikkelen. Software schrijven op de gebruikelijke manier kost meestal meer tijd, de software moet getest worden en er moet een proces voorzien worden om deze uit te rollen. In een low- code- of no code-omgeving zit veel van deze functionaliteit verscholen achter een gemakkelijk te gebruiken grafische interface. Gebruikers moeten enkel de gewenste “blokken” klikken en slepen om hun applicatie de gewenste functionaliteit mee te geven.

Het verschil tussen ‘no-code’ en ‘low-code’ zit hem al in de naamgeving: bij ‘low-code’ wordt van de gebruikers nog altijd geacht om een kleine hoeveelheid computercode in te geven. Op die manier kan je nog (beperkt) zaken personaliseren of aanpassen. Op een ‘no code’-platform komt er zelfs helemaal geen code meer aan te pas. Deze methodiek richt zich op de absolute non-programmeurs en werkt volledig volgens “drag and drop”. Het nadeel: iets diepgaand aanpassen of personaliseren, is meestal uitgesloten.

Op maat

“Stel dat je wil beginnen met lopen, maar je hebt een kwetsuur”, zegt Kevin De Rudder, Competence Manager bij Elmos. “Low-code/no-code is als het kopen van speciale sportschoenen. Het is een generieke oplossing die voor sommige goed kan helpen, maar voor anderen heel wat minder voordelen heeft. Code schrijven is als naar de podoloog gaan. Die zal je testen en een zeer gerichte en specifieke oplossing op maat voorstellen.”

Om custom code te kunnen schrijven moet je mensen hebben die kunnen programmeren, die meestal in een team werken en die tijd krijgen. “Het duurt langer en daarom is het duurder”, zegt Kevin. “Met een generieke methode gebruik je meestal kant-en-klare oplossingen die weinig tot geen aanpassingen vergen. Het gaat supersnel en is dus een pak goedkoper.”

De digitaliseringsgolf en de explosie aan nieuwe devices maakt dat bedrijven steeds meer software nodig hebben. “Voor elke taak en elk project willen ze dat er een oplossing voor bestaat, maar niet elk bedrijf heeft de middelen of de mensen om die oplossingen ook te bouwen”, duidt Kevin. “Dat brengt ook frustratie mee. Werknemers met goede ideeën worden minder gemotiveerd, omdat er met die ideeën toch niets gedaan wordt, strategische doelstellingen worden niet gehaald omdat de tools ontbreken, kansen op kostenreducties worden gemist,… Daar kan low-code of no-code een antwoord bieden.”

Citizen developer

Low-code en no-code brengt niet alleen tijd- en kostenbesparingen mee, het heeft ook een compleet nieuwe categorie van ontwikkelaars doen ontstaan: de citizen developer. “Het is een nieuwe naam voor een fenomeen dat al lang meegaat”, zegt Kevin. “Niet alleen de pure developers kunnen sinds het ontstaan van low-code platformen aan software werken, ook bijvoorbeeld business analisten kunnen dat. Zij staan vaak dichter bij de business en bij de klant en weten maar al te goed wat die klant wil, waardoor analyses korter worden en het ontwikkelproces sneller en vlotter verloopt.

Low-code ten opzichte van verschillende users

Op die manier ontlast je je programmeurs en geef je hen tijd om aan grotere projecten te werken of hun backlogs weg te werken. Soms zie je zelfs dat businessmensen zo de smaak te pakken krijgen en dat ze – via een opleiding – de overstap maken naar ‘echte’ programmeur.” Heel wat low-code platformen ondersteunen zowel low-code als no-code, zegt Kevin. Welke ingezet wordt moet goed worden afgewogen. Parameters als schaalbaarheid, performantie, kwaliteit en de leercurve zijn daarbij doorslaggevend.

‘Echte’ developers

Low-code en no-code klinken als de beste uitvindingen sinds gesneden brood. Gaan ze dan op termijn de ‘echte’ developers verdringen? Dat nu ook weer niet, meent Kevin. “Voor grote, strategische enterprise oplossingen zal je nog steeds echte programmeurs nodig hebben. No-code is bijvoorbeeld typisch een oplossing voor een eindgebruiker die een specifiek probleem voor zichzelf wil oplossen. Iets persoonlijks, niet iets dat de noden van het volledige bedrijf helpt. Een power user kan dan weer low-code inzetten om bijvoorbeeld iets te maken waarmee hij ook zijn directe collega’s of zijn afdeling mee helpt. Maar wil je iets waar iedereen mee geholpen is, zal je allicht een developer moeten inschakelen.”

Voldoet low-code niet volledig aan je verwachtingen? Werk je liever met een team van Software Developers of ga je graag aan de slag als Software Developer?

Wij helpen je graag verder!